
Deelnemers: Gerard, André, Koichiro, Frank, Sophie (kajak), Adri, Jacqueline (fiets)
Verslag: Sophie

Regen en storm verwacht.
Valt mee, veel zon.
Ook dikke druppels op het water.
Adri en Jacqueline gaan fietsen en kamperen op onze camping.
Hun zoon, Gerard, is voor het eerst mee. Een paar dagen na onze tocht zie ik hem vlot over de Rijn varen, in zijn eigen kano, vandaar de goede kano conditie.
Motor vliegtuigjes vliegen over.
Duikeend, waterhoen, witte reiger.
Watermunt.

Hoge uitstap in Veere, met haar imposante kerken. Jacqueline en Adri wachten ons op en serveren cake met appels uit eigen tuin. André, Koichiro en Gerard lopen een rondje door de stad en leren dat er in de glorietijd veel handel met Schotland was.
Frank en Sophie blijven bij de boten en aanschouwen een ‘enigma’. ‘Wat is dat?’ ‘Een mysterie.’
Een man komt met een opgerold tapijt naar een boot toe en blijft staan, alsof hij wacht, hij kijkt rond, morrelt aan de boot, wacht, loopt weg, komt terug.
Hij kijkt verloren om zich heen.
Uiteindelijk laat hij zich met tapijt en al op de boot vallen, een wiebelige stap.
Het zal een zeil zijn.
Vanwaar die weifeling de hele tijd?
Het geeft de handeling iets verdachts.

We verzinnen een autisten-mop over ‘het’ zien zitten of ‘het’ niet zien zitten.

In de avond bereidt ieder de eigen maaltijd. Gerard heeft een bord mee en Jacqueline kookt voor hem, wat een luxe. Moeder, zoon en vader op een rijtje, wat een geluk.
Er wordt gekookt op verschillende soorten gas en benzinebranders. Benzine, ik snuif de lucht diep op, het doet mij denken aan de koperen aansteker van mijn vader.
Koichiro had een brander die het twintig jaar goed deed, het werkt met een pomp systeem. Het nieuwe model hapert. Geduldig maakt hij het apparaat schoon, het hapert nog steeds.
Ondertussen wordt er enthousiast gesproken over Gerards idee over de kano met rad, schroef, windmolen en schoepen. Frank denkt lustig mee, verticale cabine, ronde schijf en turbine, André lijkt te slapen maar ontwaakt uit zijn sluimer om een steentje bij te dragen.
De volgende ochtend is Koichiro alweer als eerste klaar. Hij is efficiënt en zijn bagage is compact, hij beklom eens bergen, zou het daardoor komen?
Jaloers vragen we ons af of hij wel alle kanospullen
mee heeft en dankbaar maken we gebruik van zijn hulpvaardigheid.
André is vroeg wakker maar laat voor zijn doen. Hij kampeert voor het eerst in vijftien jaar en zit voor een enorme tent waarvan hij niet meer wist dat die zo enorm was.
Gerard, Jacqueline en Adri zitten gemoedelijk aan de koffie, Frank en ik vloeken onder de, door Frank zelf gecreëerde, tijdsdruk (“10 uur in de boot!”) en de onoverzichtelijke chaos aan spullen. Gelukkig zijn onze medevaarders mild en we mogen ook later vertrekken.
De wind is gaan liggen.
Frank eet zeewier en bijna iedereen volgt zijn voorbeeld. Hij denkt dat het zeekraal is. We sterven niet en vinden uit dat het viltwier is en eetbaar.
Enkelen zien een ijsvogel.
Allen zien de Grand Banks boten, er is een meeting, ze geven mooie surfgolven. Roodbont vee, boerenpaarden, een roofvogel en een vogel met een kromme snavel, de wulp.
Aan land komen Adri en Jacqueline nog eenmaal langs. Ditmaal trakteren Frank en ik, ter ere van ons zesjarig huwelijk.
We vierden het op de Oosterschelde. Terwijl de gasten op ‘De Onrust’ vaarden kwamen wij in onze kano’s aan met onze clubgenoten aan onze zijde. Twee witte Dawn Traders met zonnebloemen erop. Frank een geel badeendje op zijn hoge hoed, mijn sleep gedragen door dobberende badeendjes.
Niemand van toen is er vandaag bij.
Wat verandert er toch veel in korte tijd.
Thuis in Warmond brengen we Franks boot naar het landje. De meneer met de mooie tuin komt ons begroeten. Frank had pruimen voor hem geplukt, hij mag niet meer op de ladder van de dokter en zijn vrouw.
We praten over de pruimen en over de druiven. De man vindt het niet erg als de merels een deel van de oogst eten, ze zingen immers het hele jaar voor hem.
Kano Rijnland
Boomgaardlaan 22
2351 CR Leiderdorp
ofni.[antispam].@kanorijnland.nl
© 2026 - 2026 Kano Rijnland